Icon Arrow Icon Arrow back Icon Quote Icon Close Icon Enlarge Icon Calendar Icon Currency Icon Clock Icon Location Icon List Icon Shield Icon Chevron Icon Attachment Icon Download star icon-hat icon-tools

Een genuanceerd beeld van uitstroom in sociaal werk

Als je de cijfers over uitstroom vlug scant, kun je denken dat veel sociaal werkers hun vak vrij snel verlaten. Maar klopt dat wel? Als we beter naar de cijfers en andere bronnen kijken, ontstaat er een genuanceerder beeld. Veel sociaal werkers die de branche verlaten, blijven namelijk wél actief in de zorg- en welzijnssector. En blijven zo trouw aan hun vakgebied. Om ze te behouden, is voldoende waardering belangrijk.

Vier collega's overleggen aan tafel en maken notities

De mobiliteit van sociaal werkers 

Sociaal werkers spelen een belangrijke rol in onze maatschappij. Ze ondersteunen mensen om veerkrachtig, zelfredzaam en verbonden te zijn. Je vindt ze dan ook op veel plekken. Hun brede inzetbaarheid zie je terug in de loopbaancijfers van de sector zorg en welzijn: de ‘uitstroom’ van sociaal werkers naar ‘buurbranches’ in deze sector is met 41 procent veel groter dan bij andere branches (Bron: AZW 2024-A).

Het aandeel werkenden dat na tien jaar nog steeds actief is in de branche sociaal werk is 18 procent. Dit is een veel lager percentage dan in de meeste andere branches in zorg en welzijn. Wel zetten sociaal werkers hun loopbaan dus vaak voort in andere branches in de sector. De uitstroom van sociaal werkers uit de sector zorg en welzijn is niet opvallend hoog vergeleken met andere branches (Bron: AZW 2024-A). 

Sociaal werkers wisselen binnen zorg en welzijn onder andere met gehandicaptenzorg, geestelijke gezondheidszorg, verpleging en verzorging, en jeugdzorg. Buiten zorg en welzijn bewegen sociaal werkers het meest richting de uitzendbranche en de overheid (gemeente, sociaal domein). Bij de overheid, waaronder gemeenten, is de uitstroom uit de branche sociaal werk hoger dan de instroom. Bij de uitzendbranche is het juist omgekeerd. Verder zien we dat er meer instroom is vanuit sectoren als detailhandel en horeca dan andersom (Bron: ABF 2023). 

Hoge uitstroom sociaal werkers is een misvatting 

Sociaal werkers vervullen op verschillende plekken in de samenleving een betekenisvolle rol. De mobiliteit met buurbranches draagt bij aan een relatief klein percentage sociaal werkers dat na tien jaar nog werkt in de branche sociaal werk. Ook de veronderstelling dat veel medewerkers de sector zorg en welzijn verlaten klopt niet. De sector is juist vrij stabiel: twee jaar na instroom werkt 87 procent van de nieuwe medewerkers er nog steeds. Jaarlijks vertrekt ongeveer 10 procent, bijvoorbeeld naar een baan buiten de sector of wegens pensioen. In andere sectoren is de uitstroom met 18 procent bijna twee keer zo hoog (Bron: AZW 2023). 

Waarom sociaal werkers een andere baan zoeken 

De belangrijkste reden voor sociaal werkers om ander werk te zoeken is de behoefte aan een nieuwe uitdaging. Dit geldt voor alle medewerkers in zorg en welzijn (Bron: AZW 2024-B). Daarnaast horen we in de praktijk een specifieke reden om de branche sociaal werk te verlaten: een gebrek aan vertrouwen vanuit gemeenten, die opdrachtgever en financierder is (Bron: Sociaal Werk werkt! 2022). Dit leidt vaak tot tijdrovende bureaucratie. Ook de onzekerheid over financiële continuïteit speelt mee, zowel voor werkgevers als medewerkers (Bron: Sociaal Werk werkt! 2024).  

Maatregelen om sociaal werkers te behouden 

Loopbaan- en uitstroomcijfers laten zien dat veel sociaal werkers binnen het vakgebied actief blijven. Maar niet iedereen blijft. Het terugdringen van uitstroom helpt bij het aanpakken van personeelstekorten in sociaal werk én de bredere zorg- en welzijnssector (ABF 2024). Bovendien draagt het bij aan krachtige medewerkers. Onderzoek, waaronder van Sociaal Werk werkt! en AZW-onderzoek, wijst op drie belangrijke maatregelen om medewerkers te behouden: 

  • Persoonlijke waardering: Het Goede Gesprek met collega’s en leidinggevenden, inclusief een aanpak van werkdruk. 
  • Financiële waardering: Structurele en voldoende financiering voor sociaal werk, zowel op branche-, organisatie- als individueel niveau. 
  • Eigen regie: Meer autonomie, ontwikkelingsmogelijkheden en een gezonde werk-privébalans, ondersteund door de organisatie en leidinggevenden. 

Janneke Hagens

Onderzoeksadviseur

Meer weten? Neem contact op!

Janneke Hagens

Meer weten? Neem contact op!